Ja mensen, de zomer is in het land, dus laten we het weer eens over Zwarte Piet hebben. Premier Rutte heeft zich laten ontvallen dat hij ‘anders is gaan denken over Zwarte Piet’, dus je weet al waar dit, in combinatie met alle opgeklopte Black Lives Matter-drift, op uit zal draaien: geen Zwarte Pieten meer dit jaar.

Het hele land in rep en roer vanwege een denkbeeldig karakter: ik blijf het een onwerkelijke gang van zaken vinden. Sint en Piet leven in een vacuüm, een eigen universum met eigen bovennatuurlijke wetten en een eigen sprookjesachtige historie. Alles aan Sint en Piet is een karikatuur, een theatrale, carnavaleske overdrijving.

Sint en Piet zijn symbolen. Het is een illusie te menen dat manipulatie van deze symbolen een positief effect op racisme zal hebben. Want waar Sint en Piet ook symbool voor staan, in elk geval niet voor racisme of slavernij. De rollen van Sint en Piet zijn oeroud drama, het is een klassiek komisch duo dat met tegenstellingen speelt.

Niet meer, maar ook niet minder dan Bert & Ernie, de Dikke en de Dunne, André van Duin en Frans van Dusschoten, Derek & Clive, Eddy Murphy & Nick Nolte, enzovoorts. En Sint en Piet vertellen, net als al die andere komische duo’s, exact hetzelfde verhaal: de een staat voor de neurotische, ijdele aanvechting om de uitbundigheid van de Schepping te beteugelen met regels en gezag en de ander drijft vrolijk de spot met deze illusies.

Want Sinterklaas, met z’n staf en z’n boek, is een man van de regeltjes. Sint komt om gewichtig te zéúren over wat je allemaal verkeerd hebt gedaan, dat je stil moet zitten in de klas en dat je je bordje moet leegeten.

Maar dan verschijnt Zwarte Piet ten tonele. Een incarnatie van niemand minder dan Pan, de organische oerkracht van de Schepping zelf, niet te beteugelen door onze lachwekkende pogingen orde, regels en structuur aan te brengen. Zwarte Piet spant samen met de kinderen, duwt hun handen vol snoep en geeft ze een dikke knipoog: laat die ouwe gek maar lekker zaniken!

Als er érgens traditioneel de spot mee wordt gedreven in het Sinterklaasfeest, dan is het toch wel de figuur van Sinterklaas. Zoals het de Nederlandse volksaard betaamt, worden de pijlen niet gericht op de underdog, maar op de deftige hoogwaardigheidsbekleder, de autoriteitsfiguur met het belerende vingertje. Al vanaf de jaren ’50 is het enkel en alleen de Sint geweest die het moest ontgelden.

Godfried Bomans heeft in 1967 de aanval ingezet door spottend gaten te schieten in het onaantastbare decorum van de Goedheiligman. Hij speelt hulpsinterklaas in een samenspraak met twee Zwarte Pieten. Een reis naar Canada doet hem op Schiphol belanden, alwaar hij (toen nog minister) Joseph Luns tegenkomt.

Bomans werd op de voet gevolgd door Gerard Kornelis van het Reve, die er met gestrekt been inging.

‘Lieve jongens en meisjes! Jullie weten allemaal dat Sint Nicolaas alleen maar een jurk om zijn blote kont draagt, net als de paus en kardinaal Alfrink. En toen kakte Sint Nicolaas dus uit zijn reet een grote dikke drol van stront, en die drol viel in duizelingwekkende vaart recht door de schoorsteen naar beneden.’

Legendarisch is de tirade van Toon Hermans waarin de schijnheilige Snieklaas het moet ontgelden (1974).

Ook herinner ik me hoe Paul de Leeuw als een ontredderde Annie de Rooy op ’t Heilig Avondje in een telefooncel bruut verkracht werd door de Sint.

En verder kent iedereen de aflevering van Debiteuren/Crediteuren, waarin Sinterklaas (een gastrol van Hans Teeuwen) het personeel onder uit de zak geeft.

Altijd is de Sint de pineut, nooit Piet. Daarom is de bewering van Kick Out Zwarte Piet (KOZP) dat het Sinterklaasfeest gevierd wordt met de specifieke intentie zwarte mensen te vernederen, of de slavenhandel goed te praten, ronduit bizar. Juist niet!

Het Sinterklaasfeest wordt gevierd om de mandarijnen uit de heerserskaste uit te jouwen. Zwarte Piet speelt in dit verhaal een glansrol. Hij is Tijl Uilenspiegel, de Vos Reynaerde en Parcival de graalridder in één. Hij is Prins Carnaval, Jan Klaassen en Kromme Knilles.

En dát is de reden dat het Sinterklaasfeest en vooral de figuur van Zwarte Piet onverminderd populair is. Voor kinderen is hij een bondgenoot in hun verzet tegen het ouderlijk gezag. Voor volwassenen staat Piet symbool voor verzet tegen de boven ons gestelden. Zwarte Piet is een ware volksheld!

Terzijde. Daarom is het eigenlijk vreemd dat de anarchistjes van Antifa en KOZP zo veel moeite hebben met Zwarte Piet; hij zou hun mascotte en beschermheilige moeten zijn …

En ja, het uiterlijk van Zwarte Piet is essentieel voor zijn rol. Zijn zwarte schmink en pagekostuum maken hem tot ‘de ander’, de perfecte tegenpool die vrij is om de draak te steken met starre fatsoensrakkerij. Juist omdát de Sint wit is, moet Piet zwart zijn. Juist omdát de Sint zich tooit in het kostuum van de macht, moet Piet gekleed gaan als een nar.

Het is mogelijk dat het uiterlijk van Zwarte Piet als beledigend kan worden ervaren, maar meer dan dat is het niet: beledigend. Zoals geslaagde satire dat ook is. Er wordt nu veel te hoog op ingezet en dat zal zich nooit terugbetalen.

Want het is echt niet Zwarte Piet die mensen met een kleurtje weghoudt van universiteiten, topfuncties en netwerken. Het afschaffen van Zwarte Piet draagt op geen enkele manier bij aan het wegwerken van achterstanden.

Achterstanden die overigens niet blijven voortbestaan vanwege ‘racisme’, maar vanwege het deplorabel slechte leiderschap uit de progressieve hoek. Want decennialang heeft de linkse kerk zich ronkend ontfermd over het wel en wee van de zwarte gemeenschap zonder ook maar één betekenisvol resultaat te boeken. Uiteraard ligt het dan erg voor de hand om een denkbeeldig mannetje de schuld te geven van je eigen politieke falen.

Het verbieden van Zwarte Piet zal een pyrrusoverwinning blijken te zijn. Er wordt niet één wezenlijk, reëel probleem mee opgelost, en de bevolkingsgroepen die je nader tot elkaar wenst te brengen, raken juist alleen maar verder van elkaar vervreemd.

Ik begrijp werkelijk niet hoe het kan dat sommige mensen serieus blijven geloven dat onze samenleving er beter van wordt als er geen zwart geschminkte mannetjes meer met een zak pepernoten staan rond te springen. Het enige dat ze hebben bereikt, is dat aan beide zijden de gunfactor volledig is verziekt. Maar goed, de rede is toch al een hele tijd zoek.