Het is stikstofcrisis. Het neerslaan van stikstof bedreigt de heide. Ook al is die heide niet de oorspronkelijke vegetatie, velen willen die graag behouden. Het behoud is wettelijk vastgelegd door het aanwijzen van Natura 2000-gebieden. Hoe logisch is deze keus? Heide is door menselijk toedoen ontstaan en kan in onze vruchtbare delta niet standhouden.

De stikstofcrisis klinkt als een benauwde crisis. Maar geen mens heeft het benauwd, of het moeten boeren zijn. De wens om onze heide te behouden, zou zomaar tot hun ondergang kunnen leiden.

De stikstofcrisis is geen reële dreiging, maar een crisis op papier, een gevaar op basis van doorgerekende data. Het enige werkelijke gevaar is dat mogelijk een aantal stikstof-gevoelige planten verdwijnen. En daar maken mensen zich zorgen over.

Het verdwijnen van zeldzame vegetatie voelt als een definitief afscheid, een onomkeerbaar proces. Misschien speelt zelfs deze vraag op de achtergrond mee: zijn wij soms ook een verdwijnende soort?

De dagelijkse praktijk leert ons dat mensen over een enorm aanpassingsvermogen beschikken. Het is een eigenschap die in onze natuur zit en in die van alles wat leeft. De natuur is geen status quo, beweegt altijd mee met veranderende omstandigheden. Zij is flexibel en meester in het zich aanpassen. Wie wil dat de natuur bij het oude blijft, vraag iets wat zij niet kan.

De Nederlandse heide is ontstaan door het houden van schapen en het afsteken van vruchtbare grond. Deze afgestoken zoden of plaggen waren de ondergrond van potstallen en schaapskooien. Zo ontstond heidegrond, grond die van zijn vruchtbare toplaag is ontdaan. Heide is geen natuurgrond, maar cultuurgrond!

Tegenwoordig worden bij het onderhoud van de heide nog steeds ‘plaggen afgestoken’. Het gebeurt nu alleen met graafmachines. De heide kan slechts in stand blijven door menselijk ingrijpen. In onze vruchtbare delta kan heide zich eenvoudigweg niet handhaven.

Dat een bodem streeft naar vruchtbaarheid is een natuurlijk proces. Een onvruchtbare bodem zal er alles aan doen om vruchtbaar te worden. Heidevegetatie is in feite noodvegetatie. Als de vruchtbaarheid van de bodem toeneemt, zal heide vanzelf verdwijnen. Alleen begrijpt de mens niet dat heidevegetatie geen blijver kan zijn. Dit natuurlijke proces van vegetaties die elkaar opvolgen, heet ‘successie’. Uiteindelijk, na vele jaren, ontstaat vanzelf een ‘climaxvegetatie’: het eindpunt van successie. In Nederland is dat meestal een gemengd bos.

De reden waarom natuurorganisaties dit natuurlijke proces tegengaan, is omdat zij een persoonlijke voorkeur hebben voor heidevegetatie boven bos. Het is ten diepste wensnatuur. Als schuldige wordt een oude beroepsgroep aangewezen: de boer. Want die heeft de heide door bemesting veranderd in vruchtbare grond. Dat klopt.

Zoals zijn historische collega’s de grond hebben verarmd door plaggen af te steken, zo heeft de moderne boer dat proces hersteld. Maar ook zonder ingrijpen van de boer, was de heide vruchtbare grond geworden. Het had alleen langer geduurd.

Neemt de biodiversiteit met het verdwijnen van inlandse heide af? Dat hangt ervan af hoe je kijkt en op welke schaal. Ter plekke neemt de biodiversiteit toe omdat de vervangende vegetatie minstens zoveel soorten heeft als de verdwijnende heide had. Maar de vervangende vegetatie bestaat uit algemeen voorkomende soorten. Daar hebben we er genoeg van. Heide is zeldzaam en daarom houden we ervan. Zo zit de mens in elkaar. Zodra iets schaars wordt, krijgt het meer waarde.

Maar in plaats van lokaal te kijken, kun je ook uitzoomen. De Nederlandse duinheide of kustheide is, in tegenstelling tot heide landinwaarts, van nature zo gevormd. Duinheide is natuurgrond en met minimaal onderhoud is de heidevegetatie daar blijvend. Als de inlandse heide zou verdwijnen, blijven de verdwijnende soorten nog te vinden langs de kust. Maar je kunt verder uitzoomen.

Nederland is zo klein dat je niet mag verwachten dat het een scala aan habitats heeft. Het is een land waar diverse grote rivieren in zee uitkomen. Vanuit de ruimte gezien, is Nederland één vruchtbare delta. Voor armere gronden moeten we stroomopwaarts zoeken of in andere klimaatzones. Duitsland heeft bijvoorbeeld het grootste heidegebied van Europa, de beroemde Lüneburgerheide.

Ooit streden onze voorouders tegen het water. Door het bouwen van dijken en inpolderingen hebben zij ons land gevormd. Hun strijd tegen het water creëerde ruimte voor het nageslacht om te wonen en te werken. Strijden tegen de natuur om ruimte te creëren voor mensen. Nu gebeurt het omgekeerde. We strijden tegen mensen om ruimte aan de natuur te geven. Rondom de Natura 2000-gebieden mag weinig tot geen menselijke activiteit zijn. De strijd om het behoud van inlandse heide is moedig noch noodzakelijk. Het is een strijd om een persoonlijke voorkeur tot norm te verheffen.

Israël heeft in zijn landbouwbeleid dusdanige vruchtbaarheidsmaatregelen genomen dat er aan akkerbouw in de woestijn wordt gedaan. Een van de bekendste profeten had het al opgeschreven: “De woestijn zal bloeien als een roos” (Jesaja 35:1). De oorspronkelijke natuur, de woestijn, verdwijnt daardoor. Gelukkig was er geen milieuorganisatie die het opnam voor de verdwijnende woestijn! Wat de woestijn is voor het Midden-Oosten, is de heide voor Nederland. Als de relatief onvruchtbare heide vruchtbaar wordt, gaat het juist de goede kant op. Dan hang je de vlag uit in plaats van krampachtig te willen behouden wat ooit was gecreëerd en tijdelijk voldeed.

De auteur is bioloog en auteur/uitgever van opiniërende christelijke boeken/artikelen.