Onlangs verscheen er een rapport van het European Centre for Law and Justice over de nauwe band van Soros met een groot aantal rechters van het Europees Hof, officieel het Europees Hof voor de Rechten van de Mens geheten (EHRM).

De internationale organisatie waarvan dit rapport afkomstig is, het genoemde European Centre for Law and Justice, brengt onder andere adviezen uit aan de VN.

Het rapport is zeer concreet en noemt man en paard. Maar liefst twaalf rechters van het EHRM blijken te werken, of gewerkt te hebben, voor de Open Society Foundations van miljardair George Soros.

Dit doet natuurlijk ernstig afbreuk aan de veronderstelde onafhankelijkheid van het Europees Hof.

Met name de rechters uit kleinere landen (ieder Europees land is vertegenwoordigd) blijken geheel ingekapseld en voorgeprogrammeerd te zijn door Soros. Landen als Albanië, Bosnië, Bulgarije, Kroatië, Hongarije, Litouwen en Roemenië. Een rechter uit pakweg Albanië heeft in het Hof evenveel te zeggen over een nationale rechtskwestie in Nederland als een rechter uit Frankrijk.

Landen dienen kandidaten in voor het Hof. Albanië bijvoorbeeld diende in 2018 drie kandidaten in voor de positie van rechter, waarvan er twee een leidende functie hadden bij Soros’ Open Society Foundations. En één van die twee werd gekozen. Soros heeft sinds 1992 meer dan 131 miljoen dollar geïnvesteerd in het arme en kleine land, waardoor zijn invloed daar zeer groot is. De laatste twee rechters die vanuit Litouwen werden gekozen voor het Hof waren medewerkers van de Riga Law school, opgericht door de Open Society Foundations in Litouwen. In deze kleine Baltische staat stak Soros tussen 1992 en 2014 $90 miljoen. In dit soort kleine landen, zo wordt gesteld in het rapport van het European Centre for Law and Justice, is de organisatie van Soros een onvermijdelijke macht geworden voor iedereen die iets wil betekenen in sociale en media zaken:

‘In such small countries, the OSF and its foundations have become inescapable for anyone involved in social and media matters. They are major employers and funders.’

Achter de schermen is Soros een grote politieke macht. Soros steekt per jaar meer dan €90 miljoen in maatschappelijke en politieke organisaties, vooral in de zwakkere landen in Oost-Europa en op de Balkan. In feite, zo toont het rapport aan, is de macht van Soros in het Europees Hof nog veel groter. Zijn organisatie werkt als een organisatorische en financiële paraplu voor andere zogeheten NGO’s, niet-gouvernementele organisaties.

Veel meer rechters aan het Hof zijn weer aan deze NGO’s verbonden. Dat wordt natuurlijk helemaal absurd als zo’n rechter zich moet buigen over een zaak van zo’n NGO tegen een nationale staat. Hiervan worden in het rapport van het European Centre for Law and Justice enkele krankzinnige voorbeelden gegeven. Dit heeft helemaal niets meer met ‘recht’ te maken.

De NGO’s zijn, zo stelt het rapport, in veel gevallen belangrijker geworden dan de natiestaten:

The international system of protection of human rights was established after the Second World War to curb the power of states. It created a new political order, a globalised governance made up of networks of influence and of soft law. NGOs have become the main actors on this globalised normative field of human rights, to the point that some of them are now politically more powerful than many States. (p. 10)

De natiestaten hebben in veel gevallen een democratische structuur. NGO’s hebben die niet. Zakenman Soros oefent met zijn vele miljarden een onderhuidse kracht uit om de democratische natiestaten te ondermijnen, en de macht van de internationals en speculanten zoals hijzelf, te vergroten. Hij doet dit vooral via links ogende organisaties. Links is hiermee de uitvoerende macht van het grootkapitaal geworden, dat is de cynische kant ervan.

Het Europees Hof is een werktuig in de handen van Soros. Dat is niet zo vreemd als je ziet wat de status en de bedoeling is van het Europees Hof. Dat Hof is, zoals Thierry Baudet uiteenzet in een apart hoofdstuk in zijn De aanval op de natiestaat de tot nu toe enige ‘supranationale mensenrechteninstantie’ die de macht heeft om de in geen enkel wetboek vastgelegde ‘mensenrechten’ boven het nationale recht te laten gelden.

Over deze ‘mensenrechten’ stelt Baudet in De aanval op de natiestaat:

‘Het hele idee van universeel toegepaste rechten is niet democratisch en niet rechtstatelijk.’ (p. 158)

De volstrekt links-politiek aangestuurde willekeur waarmee met het begrip ‘discriminatie’ wordt omgegaan door het Hof, is er, zo toont Baudet aan, een goed voorbeeld van. Ook in de eerste zaak tegen Geert Wilders, gold rechtspleging in het Europees Hof, als maatgevend. Baudet over deze eerste Wilders zaak:

De Nederlandse wetten –en de eeuwenoude traditie van het zijn van een vrijplaats voor godsdienstkritiek- deden nauwelijks nog ter zake. (p. 174)

Ook een land als Nederland heeft zich, na veel verzet ooit van premier Drees, en de toenmalige Raad van State, onderworpen aan dit Hof.

Daarmee is het Nederlandse recht dus nu ondergeschikt gemaakt aan de lobby organisatie van George Soros. Een ernstige aantasting van onze soevereiniteit!


Wilt u reageren?
Dat kan op Facebook of op Twitter.