Net als ik mogen migranten dankbaar zijn dat zij in Nederland kunnen wonen. Het is een geweldig land op het gebied sociale voorzieningen, onderwijs, gezondheidzorg. Maar ook een land dat vele kansen biedt om zich te ontwikkelen en vooruit te komen ongeacht ras, kleur, geloof of (sociaal) achtergrond. Nee, vanzelf gaat het niet. Heb ik zelf ook maar al te goed ervaren. Maar de kansen pakken, doorzetten, echt ervoor gaan, incasseren, dan kom je er wel. Dat is mijn ervaring. 

Recente ontmoetingen met land- en lotgenoten, is mij opgevallen dat steeds meer dat belangrijke besef van dankbaarheid terrein wint. Hierbij dient aangetekend te worden dat het gaat om individuen in het zakelijk circuit, ondernemers in het bedrijfsleven. Ik heb mij dan ook voorgenomen meer migranten uit deze maatschappelijke sector op te zoeken en zomin mogelijk uit de hoek van politiek, religie en de quartaire sector, bevolkt door de ‘integratie industrie’ en aanverwante ‘welzijnsmaffia’. Laat mij dit uitleggen.

Kennis vs. Kennissen

Ook in Nederland is het vergaren van veel kennis geen garantie voor (maatschappelijk) succes. Zoals over de hele wereld draait het ook hier niet om wát je kent, maar wíe je kent; netwerken en kennissen blijven onontbeerlijk.

VVD-coryfee Henk Vonhoff was commissaris van de koningin in Groningen toen ik in deze mooie stad woonde. Bij een van de ‘koffie sessies’ met Henk in zijn werkkamer, vroeg hij mij of ik op de lijst van de VVD wilde figureren voor de Kamerverkiezingen. De mooie en inspirerende ‘koffie sessies’ met Henk Vonhoff begonnen nadat ik een aantal malen in de plaatselijke en regionale kranten in Groningen verscheen. Mijn standpunten spraken Henk zozeer aan dat hij mij uitnodigde om met elkaar van gedachten te wisselen. Die periode luidde het einde in van de ellendige jaren van baantjes als straatveger, flessen spoelen, tig afwijzingen bij sollicitaties, tegenwerkingen, ontslag, werkeloosheid en de daarbij horende pijn, verdriet en vele tranen. Eindelijk kreeg ik een baan die mooi aansloot bij mijn studies en ervaringen in Marokko en Israël. Ik werd ‘Consulent Anderstaligen’, eerst voor Midden IJsel en daarna voor de provincie Groningen. Die functie hield in het adviseren van scholen, schoolbesturen, gemeente, het ministerie, ouders en kinderen op het gebied van onderwijs aan allochtonen die toen ‘Anderstaligen’ heetten. Deze toen nieuwe functie was één van de 83 maatregelen van toenmalig minister Pais (VVD) van onderwijs. Een andere was de opzet van een nieuwe specialisatie binnen Pedagogiek, ‘Transculturele Pedagogiek’. Op verzoek heb ik ook deze opleiding opgezet en ik werd tevens docent/coördinator daarvan. Hierna ging het mij voor de wind. Promoveren in Groningen, professor Interculturele Communicatie in Amsterdam en 22 boeken publiceren. Hier ben ik zo erkentelijk en dankbaar voor.

Goede muren maken goede buren

Terug naar het verzoek van Vonhoff voor het Kamerlidmaatschap voor de VVD. Ik heb niet gelijk ‘ja’ gezegd; ik kende intussen heel wat Kamerleden en ik was niet bijster onder de indruk van de capaciteiten van velen daar in de Kamer, om het maar eufemistisch uit te drukken. “Ik wil wel daarover nadenken,” antwoordde ik.

Ik was toen bevriend met Jan Kamminga, toenmalig landelijk voorzitter van de VVD. Ik vroeg Jan naar zijn advies over het verzoek van Vonhoff. Jan was helder en duidelijk: “David, Ik zou het niet doen als ik jou was.” Hij legde mij uit dat de Kamerfractie een fractiebestuur heeft. Alles wat je als Tweede Kamerlid bedenkt en wenst te publiceren, dien je eerst voor te leggen aan het fractiebestuur. Zonder hun toestemming mag je het dan niet publiceren. Fractiediscipline heet dat. “Ik denk dat jij meer invloed kunt uitoefenen van buiten dan van binnen de fractie.”

Alles overziend, denk ik dat Jan gelijk heeft gehad. 

Met de ‘fractiediscipline’ had ik niet zoveel kunnen lanceren. Het intussen overbekend concept van ‘doodknuffelen’ van migranten, dat ik in de Volkskrant publiceerde, zou ik zeker in die tijd van de VVD onmogelijk kunnen publiceren. Evenmin als andere zaken aanpakken: 

  • Van centraal naar decentraal ‘minderhedenbeleid’;  
  • Opheffing van de stichtingen welzijn buitenlanders; 
  • Opheffing van het Nederlands Centrum Buitenlanders (NCB) en Forum 
  • Opheffing en wettelijk verbieden van de lessen OETC (Onderwijs in Eigen Taal en Cultuur) binnen schooltijd; 
  • Inburgeringscursussen voor migranten

Allemaal kwesties die eerst veel weerstand opriepen met name bij ‘hupverleners’, maar die daarna wél werden doorgevoerd. 

Het besef van dankbaarheid voor Nederland bij zovelen nu is bemoedigend. De juiste tijd dunkt me om door te pakken voor een effectief migratie- en asielbeleid (dat is wat anders dan affectief). Hierbij is cruciaal eerst te moeten inzien dat de kloof tussen moderne en premoderne waarden niet te overbruggen zijn. Het hoogt haalbare is een vreedzame co-existentie. En hierbij hoort het stellen van grenzen. Die volgt als mensen in de omgang met elkaar op onoverbrugbare tegenstellingen stuiten. Goede muren maken goede buren. 

Dan kunnen enkele top spelregels geformuleerd worden voor de migrant om te emanciperen en succes te hebben en voor de Staat om ze daarbij te helpen.  

Top drie spelregels voor de migrant

  1. Maak een keuze of je nog steeds volgens de premoderne waarden wilt leven of conform de westerse moderne waarden
  2. Maak je je los van de zachte heelmeesters die jou tot de eeuwigheid willen ‘helpen’ en jou afhankelijk van hen willen houden. Ze zijn niet doelgericht, maar stoelgericht
  3. Stop met de zielige, hulpbehoevende uit te hangen. Pak alles aan om vooruit te komen en los te komen van de talloze faciliteiten en subsidies.

Top drie spelregels van de Staat

  1. Stoppen met integratie van migranten uit niet-westerse landen na te streven. De kloof tussen deze migranten en westerlingen is veel te groot. De één is modern en de ander is, wat ik noem, premodern. Bij de één staat de identiteit van de groep (collectieve identiteit) voorop, bij de ander die van het individu (individuele identiteit). Dat leidt tot enorme verschillen.
  2. Nederland moet enerzijds stoppen met migranten te pamperen en anderzijds vaststellen welke waarden en normen ze willen behouden. Grenzen stellen: U mag net zo veel bagage hebben als u zelf wilt, maar dit zijn de grenzen. Bijvoorbeeld: in Nederland worden mannen in een ziekenhuis ook door vrouwen geholpen. Wilt u dat niet? Dan is daar de deur! Ophouden met alsmaar tegemoet te komen aan de eindeloze en steeds verder gaande eisen van aanpassing van de autochtonen aan de allochtonen. Dat is op de lange duur ook niet in het voordeel van de migranten. 
  3. Herzie en herformuleer de gehele bestaande wetgeving. Waarom? Wat er nu is, is ooit voor en door keurige, nette, fatsoenlijke, eerlijke en mensvriendelijke mensen ontworpen. Niet bestemd voor aanhangers van premoderne cultuurstructuren Zie hoe iman Suhayb Salam en moordenaar Gökmen Tanis in Utrecht misbruik maakten van de huidige wet- en regelgeving. 

Daarom mijn oproep: politiek en migrant pak uw kans. Nederland wacht op daden.

Prof. dr. David Pinto is hoogleraar-directeur Intercultureel Instituut (ICI) en publicist. Hij ​is vaste blogschrijver voor de omroep Ongehoord Nederland (ON!)