Naar verluidt heeft minister Kaag haar budget reeds met € 350 miljoen overschreden. Het kabinet beloont haar daarvoor met extra geld voor ontwikkelingshulp.

Het jaar is pas half om en de tradities van het ministerie van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking op het gebied van ontwikkelingshulp worden door de ambtenaren ruimschoots voortgezet. Een Rijksbegroting overschrijden, kan de overheid kennelijk straffeloos doen; denk aan de conclusie van de Algemene Rekenkamer enkele jaren geleden, toen er 5 miljard ontwikkelingshulp ‘zoek’ was in de onderzochte periode.

Ook de Kamer heeft toen niet ingegrepen, waardoor minister Kaag ongestoord haar gang kan blijven gaan de rest van dit jaar, zonder dat de vraag wordt gesteld waar alle miljoenen zijn gebleven.

Niet alleen de ontvangende regeringen zijn veelal onbetrouwbaar, blijkbaar ook de schenkende.

De Antilliaanse regeringen hebben dit beter begrepen dan onze volksvertegenwoordigers. Afgemeten aan hun povere controlerende prestaties hebben die al maanden niet veel te doen. Het ministerie van Kaag is zeker niet de enige overheidsinstelling waarvan de onbetrouwbaarheid keer op keer wordt bewezen zonder dat er door het parlement meteen wordt ingegrepen.