Integratie is geen overheidstaak, deel 1 | Afschaffing dubbele nationaliteit

Soms praten mensen langs elkaar heen op de sociale media. Komt door de snelheid. In mijn vorige blog, een stappenplan repatriëring van ongewenste vreemdelingen, schreef ik:

Voorlopig is een verbod op de dubbele nationaliteit niet slim; dit helpt ons namelijk bij het uitzetten van ongewenste vreemdelingen. Niemand hoeft stateloos te worden.

Met andere woorden: laat de overheid dit verbod alsjeblieft niet bovenaan de prioriteitenlijst zetten, want dan komt ze in de knoop met een andere dringende taak: het opschonen van de bevolkingssamenstelling.

Joost Niemöller reageerde:

Integratie is niet iets waar ik aan denk bij haatpredikers, criminelen en asieleisers uit veilige landen. Bij deze mensen denk ik maar één ding: ga weg. Integratie associeer ik met immigranten die ervoor gekozen hebben in vrede met ons samen te leven.

In zijn volgende tweet schreef Joost:

Dat is waar. Maar mijn stappenplan hoeft niet ‘generaties’ lang te duren. Als de overheid nu maar eerst zorgt dat de ongewenste vreemdelingen het land uit zijn, dan kan ze intussen aan de overige allochtonen meedelen dat er een verbod op de dubbele nationaliteit aan komt. En hen voor de keus stellen: voel je je Nederlander of ga je vrijwillig terug? Maar wie zijn vreemde nationaliteit wil behouden, wordt uiteindelijk door het verbod alsnog gedwongen tot vertrek. Er is dus geen sprake van ‘gedogen’, alleen van een tijdsplanning.

Een vraag aan iedereen die in integratie gelooft: is het realistisch te verwachten dat langdurig uitkering trekkende of streng islamitische nieuwkomers alsnog gaan integreren? En vooral: waarom zouden we deze niet-inpasbare allochtonen willen blijven onderhouden? Voor hen is het loket Humane Repatriëring bedoeld.

Joost wijst terecht op de noodzaak om druk uit te oefenen op landen als Marokko:

Ik denk dat er alleen iets gebeurt als we zorgen dat de categorie immigranten-met-dubbele-nationaliteit die we kwijt willen, nog maar één nationaliteit heeft. Niét de onze in elk geval. Wel die van hun vaderland. Dat maakt repatriëring een stuk gemakkelijker.

Landen als Marokko geen enkele keus bieden ‒ ze móéten hun onderdanen wel terugnemen als die geen (papieren) Nederlander meer zijn ‒ lijkt mij de beste druk die de regering kan uitoefenen.

De achterliggende vraag is of integratie eigenlijk wel een overheidstaak is. Ik vind van niet. Emigreren is een volwassen keus, met als consequentie dat je zelf verantwoordelijk bent voor het opbouwen van een leven in je nieuwe land. De ongeveer een half miljoen Nederlanders die na de oorlog gehoor gaven aan de oproep tot vertrek om de dreigende overbevolking tot staan te brengen ‒ ‘Nederland is vol’, zei de overheid in 1951; voor een uitspraak in dezelfde trant (‘Vol is vol’) werd Janmaat in 1996 veroordeeld ‒ gingen keihard aan het werk en begonnen onderop. Er was niet eens een sociale dienst in Australië, Canada en de VS.

In mijn volgende blog pluis ik uit welke normen de overheid hanteert voor geslaagde integratie en bespreek ik de invloed van activistische sociologen en historici op de integratiediscussie. Hint: alle immigranten worden gemakzuchtig over één kam geschoren.


Wilt u reageren?

Dat kan op Facebook of op Twitter.

Een nieuwe omroep, een vrij geluid!