De gruwelijke afslachting van leraar Samuel Paty door een moslim in Frankrijk vanwege een Mohammedcartoon heeft een schokgolf teweeggebracht. Ook dankzij de ferme en kraakheldere reactie van president Macron. Zelfs Nederland ging eindelijk een beetje flink doen. In het debat over Paty in de Tweede Kamer op dinsdag 27 oktober 2020 viel mij op dat Geert Wilders niet aangevallen werd door de deugmensen van de oude kartelpolitiek. Men was het waarachtig zelfs met hem eens bij het benoemen van de bron van de terreuractie: de islamitische ideologie. Eindelijk.

Diverse partijen vroegen het kabinet om met concrete maatregelen te komen. Minister Blok heeft dit beloofd. Ik ben zeer benieuwd waarmee het kabinet komt. Misschien half december. Dan wordt het rapport van de parlementaire commissie die dit voorjaar de radicale beïnvloeding uit ‘onvrije landen’ onderzocht in de Kamer besproken. Zal Sigrid Kaag (D66), islamofiel en pro-terroristische ‘Palestijnen’, roet in het eten gooien? Terzijde, onderzoek van Likoed Nederland wees uit dat dezelfde Kaag eerder was ontslagen als ambtenaar bij hetzelfde ministerie waar zij nu minister is. Zover is het nu al gekomen met de (zeer) Lage Landen.

Zal Nederland eindelijk eens een keer dat beetje flink geluid weten en durven te vertalen in concrete en heldere maatregelen? Zonder islamangst had Minister Blok om te beginnen direct scholen, leraren en media kunnen oproepen om massaal Mohammedcartoons te maken, te tonen en te verspreiden.

De put dempen nadat het kalf is verdronken, is het Nederlands adagium. Vooral niet proactief optreden tegen de instroom van (potentieel) extremistische moslims. Misschien nog even eerst bij moskeeën langs voor een kopje thee en inspraakorganen van allochtonenclubs raadplegen. De Raad van Kerken, dhimmi’s die het belang van de islam dienen, paaien. En natuurlijk de islamofiele partijen Groen Links, D66 en de PvdA polsen hoe te voorkomen dat we moslims boos maken. Dít is de Nederlandse aanpak. Boterzacht en laf. Over de gehele linie.

Onlangs had ik een interessante en veelzeggende ervaring met wat je in Nederland wel en niet mag zeggen:

Ik appte de journalist Chris Aalberts van TPO (waar ik ook voor heb geschreven). Ook na vele uren kwam er geen reactie. Eén van de twee zaken waarmee je mij boos kunt maken, geef ik toe, is je incommunicado houden. Het andere is niet (stipt en op tijd) nakomen van gemaakte afspraken. Ik besloot het scheldwoord ‘flikker’ te gebruiken om een reactie uit te lokken. Dat lukte. Vervolgens twitterde Aalberts het. De reacties waren bijzonder illustratief.

Naast adhesie kreeg ik ook verontwaardigde reacties. Hoe kon ik mij zo grof uitlaten? Ik had hiermee het bewijs geleverd dat ik homofoob was. Terzijde, fobie in dit kader is faliekant fout. Fobie voor een giftige slang, dat kan. Ik heb inderdaad helemaal niets met de herenliefde, dat is waar, en dat heb ik ook open en eerlijk beschreven in mijn autobiografie Een Marokkaanse Jood van analfabete ouders, maar ik zou zondigen tegen mijn eigen hartstochtelijke strijd voor moderniteit en verlichting als ik zou pleiten voor het verbieden of bestraffen van homoseksualiteit, zoals sommigen suggereerden. Blijkbaar mogen we over van alles verschillend denken, maar niet over homoseksualiteit.

Het is de tirannie van de policor Gutmensch. Die wil ons inperken in onze vrijheid van expressie. Woorden als blank, neger of zwarte Afrikaan, slaaf, allochtoon, nicht, flikker, pot, zijn verboden, want zouden mogelijk eventueel misschien als kwetsend ervaren kunnen worden. Houd er rekening mee, wees empathisch, is de roep. Lariekoek. Zo kweek je zwakke, breekbare burgers. Maar bovenal, zo zak je steeds verder in de modder in en beperk je stap voor stap de vrijheid. Je capituleert voor premoderne waarden die de in vele jaren bevochten westerse moderniteit en verlichting tenietdoen. Doodzonde!

Terug naar minister Blok. Als er ook maar een beetje Frans bloed stroomde in de aderen van de Nederlandse overheid, had hij ook gelijk kunnen melden dat hij zou werken aan een modernisering van het uit 1917 stammende artikel 23 van de Grondwet. Niet omdat er een probleem is met religieus onderwijs per se (katholieke, protestantse en Joodse scholen zitten niet onder de plak van kerk en synagoge), maar wel met de islam. Zeker nu overduidelijk is geworden welk gevaar er schuilt in de invloed van vreemde islamitische mogendheden op Nederlandse instituties en op de hier verblijvende moslims. Door het islamitisch onderwijs te blijven financieren, staat de overheid toe dat deze intolerante, antiwesterse ideologie misbruik maakt van artikel 23. De vrijheid van onderwijs is hier niet voor bedoeld; deze is er voor godsdienstige richtingen die de westerse waarden en het seculiere Nederlands staatsbestel onderschrijven.

De blindheid van de overheid moedigt islamitisch extremisme aan. Columniste Daniela Hooghiemstra verwoordt het fijntjes in de Volkskrant van 10 november jl.: “De in juridische verdragen verankerde komst van migranten uit niet-westerse landen is voorgesteld als een eenvoudige kwestie van barmhartigheid, terwijl het in werkelijkheid een ingrijpende maatschappelijke verbouwing betekent.”

Verlos het onderwijs van deze vijandige ideologie!

Prof. dr David Pinto is publicist en hoogleraar-directeur Intercultureel Instituut (ICI). Hij schrijft elke maand een blog voor Ongehoord Nederland.

Credits illustratie: Tom of Finland.